Religie Aalst

In Aalst bevindt zich een Hervormde Gemeente met 812 leden, een Gereformeerde Gemeente met 196 leden en een Hersteld Hervormde Kerk met 451 leden. De Hersteld Hervormden hebben (2017) nog geen eigen kerkgebouw en gebruiken vanaf 2004 het kerkgebouw van de Gereformeerde Gemeenten.

Steenfabriek Aalst

Aalst is in de regio bekend om de Steenfabriek en om het gemaal. Bij één van die steenfabrieken, De Rietschoof, is een buurtschap ontstaan, dat dezelfde naam draagt als de steenfabriek.

Naamsvermelding Aalst

De oudste bekende vermelding van Aalst stamt uit 814/815. Volgens een akte schonk ene Baldericus enige stukken grond uit "Halosta" aan het Benedictijner klooster Laurisheim bij Mainz. Aan het eind van de tiende eeuw komen de namen "Altisti" en "Aloste" (in 983) voor, in de elfde eeuw de naam "Alaste" en in 1133 de naam "Aelst".

Kasteel Aalst

Tegelijkertijd met de kastelen in Brakel en Poederoijen is ook het Kasteel Aalst gebouwd door Boudewijn de tweede, heer van Heusden. Het bestond waarschijnlijk uit een ronde zware woontoren. De laatste resten zijn in 1875 gesloopt en nu is slechts nog een stukje van de oorspronkelijke slotgracht zichtbaar nabij basisschool "De Burcht"

Bestuur Aalst

In de middeleeuwen was Aalst één van de zeven lage heerlijkheden in de Bommelerwaard, behorende tot het Kwartier van Nijmegen in het Hertogdom Gelre. Gedurende de vijftiende en het grootste deel van de zestiende eeuw was Aalst in het bezit van de familie van Aalst. Door huwelijk erfde de familie Torck de bezittingen, waarna alles overging in het bezit van het geslacht van Lynden. Van 1799 tot 1801 behoorde Aalst tot de gemeente Bommelerwaard. Toen deze werd ontbonden werd Aalst weer zelfstandig. Bij de invoering van gemeenten in Nederland rond 1811 werd Aalst tot 1818 een zelfstandige gemeente met in die periode twee burgemeesters. Op 1 januari 1818 ging Aalst op in de gemeente Poederoijen die op haar beurt op 1 juli 1955 weer opging in de gemeente Brakel. Op 1 januari 1999 is deze laatste weer opgegaan in de gemeente Zaltbommel.